28 oktober 2026












Engeland heeft 2x een nederzetting gesticht op Norfolk Island. In 1787 kreeg gouverneur Arthur Philips de opdracht om het in bezit te nemen om te voorkomen dat het door andere Europese machten in gebruik genomen zou worden. Bij deze bezetting ging het om gedetineerde mannen en vrouwen met kinderen die zich bezig hielden met het bewerken van het land. Het was de bedoeling dat hier voldoende voedsel verbouwd zou worden voor de kolonie in New South Wales. De bevolking groeide zo hard dat er niet eens genoeg voedsel was voor de eigen bevolking laat staan om te verschepen. Diverse schepen die voor nieuwe voorraad moesten zorgen vergingen waarvan de laatste recht voor het eiland. De mensen kwamen letterlijk om van de honger. Uiteindelijk werd besloten om het eiland weer te verlaten. In 1813 gingen de laatste bewoners aan boord. Alle gebouwen werden vernietigd om te voorkomen dat andere machten er gebruik van konden maken.
De tweede nederzetting werd in 1825 gesticht. De Engelse gevangenissen waren overvol dus hadden ze een plaats nodig waar ze de zwaarste criminelen op konden sluiten. In eerste instantie ging het alleen om mannen. Maar Gouverneur King had de toekomstvisie om met deze mannen een echte kolonie met een mooie toekomst te stichten. Hij wist af te dwingen dat 40% van de gedetineerden vrouwen moesten zijn.
Ook deze strafkolonie heeft niet lang bestaan. In 1855 werd hij opgeheven. De gevangenen werden overgeplaatst naar Tasmanië.
Hier in Kingston staan de overblijfselen van deze nederzettingen. Veel is het niet want ook de 2e keer werd bij het vertrek alles vernietigd. Een paar gebouwen zijn gerestaureerd, van de rest is alleen nog een ruïne over.
Zodra iedereen in de bus zit begint de gids aan zijn verhaal. Hij vertelt…en vertelt… er komt geen eind aan. Interessant, dat wel maar veel te veel. Er is amper tijd om rond te kijken omdat hij steeds zo vreselijk lang bij 1 of 2 specifieke gebouwen blijft vertellen. Beetje jammer, ik had hier dolgraag nog een tijdje rond gestruind!








Afternoon tea is bij een van de BBQ gebouwtjes die hier in Australia overal staan. Kopje koffie met een heerlijk koekje, het favoriete chocoladebiscuitje van Australië, de tim tam. En daarna nog even een bezoekje aan het kerkhof.
Op Norfolk Island zijn ze van mening dat er geen geld verdiend mag worden aan iemands overlijden. Een begrafenis is dan ook helemaal gratis. Graf, kist en steen worden gratis verstrekt!
Het kerkhof ligt tegen een heuvel met een prachtig uitzicht over de zee. We stuiten op het graf van Colleen Mc Cullough, een wereldberoemde schrijfster. Zij schreef oa het later verfilmde: De Doornvogels.
Verderop is het oude gedeelte uit de tijd van de nederzettingen. Want in Australië worden graven niet geruimd. Je koopt een stukje grond (hier dus gratis ter beschikking gesteld) en dat blijft van jou, ook na je overlijden. Je vindt daarom op alle kerkhoven eeuwenoude graven. De oude graven staan vaak schots en scheef en veel zijn niet meer te lezen maar ze zijn er nog wel!
Er staan op dit oude gedeelte ook een paar tombes. Niets groots, meer een stenen kist boven de grond. Bij 1 daarvan weet de gids te vertellen dat daar een vrouw ligt die bij de geboorte van haar dochtertje was overleden. Het kind bleef in leven maar overleed na 6 maanden alsnog. De vader liet het graf open maken en legde het lijkje bij de moeder in de armen zodat zij samen konden rusten…
Een ontroerend einde aan een interessante tour. We hebben weer veel gezien en geleerd vandaag!